Typhoon, 9 juni 1990 – Een voodoo-dokter schroeit zijn snor

Typhoon, 9 juni 1990, eigen tekst

Een voodoo-dokter schroeit zijn snor

Zaanse avonturiers betalen te hoge rekening voor goocheltrucs in Lome’ niet

1990 Africa 0433
Campsite in Lomé, Togo

Op 15 maart kwamen we aan in Lome’, de hoofdstad van Togo aan de Atlantische Oceaan. Na ruim 16.000 kilometer te hebben gereden dachten we eindelijk verkoeling te kunnen vinden aan zee. Het is hier echter zo heet en vochtig dat er van enige verkoeling totaal geen sprake is. Hoewel het niet regent is alles hier klam en nat en lig je zelfs ‘s-nachts te zweten. Op de 16e zijn we de stad ingegaan. We hebben onze paspoorten afgegeven voor het visum dat we binnenkort nodig hebben voor Nigeria, hebben aanzichtkaarten gekocht en geschreven en Rob heeft kamelenleren schoenen aangeschaft. De schoenenverkoper was heel erg vriendelijk. Bij een biertje vertelde hij wat over voodoo. Hij vroeg ons of wij dat niet eens mee wilden maken. We hadden in een boek gelezen dat er in Lome’ een voodoo-wijk was en waren dus wel geïnteresseerd. Het zou niet meer dan 500 cfa. kosten (f 3,50) voor een fles drank, plus een bijdrage waarvan we zelf de hoogte mochten bepalen. Met onze “vriend” haalden we daarna iemand op die de voodoo-dokter goed kende en met zijn vijven gingen we naar de voorstelling.

We werden ontvangen in een klein, donker en zeer benauwd kamertje. Langs de kant stonden allerlei potjes, schedels, botjes en enge poppen. We gingen zitten en de dokter kon beginnen. Richard moest als eerste een kraal in één van zijn  handen houden. Dokter gooide vervolgens een ketting heen en weer op de grond en raadde daarna precies in welke hand de kraal zat. Zijn conclusie: Richard zal lang en zonder problemen leven. Bij Eelco ging dat ook zo, dus ook voor hem geen problemen.
Bij Rob ging dat echter verkeerd: dat betekende gevaar. De volgende kraal moest nu aangeven of hij nog kort dan wel wat langer zou leven. Weer raadde hij mis. De derde kraal werd weer goed geraden. Dat betekende volgens de voodoo-dokter dat Rob een ongeluk zou krijgen waarbij bloed zal vloeien. Zijn twee vrienden zouden daar niet bij aanwezig zijn. Rob moest daarom een speciale behandeling ondergaan.
Eerst werden de normale beschermingen gegeven. De dokter toonde wat hij hiervoor allemaal in huis had. De grote pot bevatte poeder dat bescherming gaf tegen slangenbeten. Het kleine potje was tegen seksuele problemen en gaf tevens bescherming tegen geslachtsziekten. We dachten natuurlijk gelijk aan de vele aids-patiënten in Afrika, die waarschijnlijk dit poeder hadden gebruikt in plaats van condooms. Een ander potje bevatte weer een poeder dat je zou helpen met je carrière. Het gevaarlijkste middeltje was echter een soort zwabbertje. Daarmee kon je iemand helemaal gek maken.

Vogelsnavel
Van alle poedertjes kregen we alleen maar het slangenpoeder. Ieder kreeg daarna een glaasje sterke drank met daarin weer één of ander poeder. Seksuele- of carrière problemen hadden we volgens hem niet, dus kregen we die poeders niet. Waarschijnlijk was het gewoon op, maar ja. Het volgende ritueel was nu het maken van onze talismannen, die ons in ons verdere leven tegen gevaren zouden beschermen. Drie kleine lapjes katoen werden voor ons uitgespreid en gevuld met diverse materialen. Geschraapte vogelsnavel, stukjes bot, gedroogde ingewanden van duiven, veertjes, stukjes gedroogde dierenhuid en nog veel meer van dat spul. Als laatste een wat groter stuk bot en bij Rob als zwaarste patiënt, een nog groter en langwerpig bot. Dit om Rob nog meer bescherming te geven tegen het ongeluk dat hij zou gaan krijgen. De lapjes werden dichtgevouwen, omwikkeld met draad en ingewreven met gips. De drie pakketjes werden daarna in een doek gewikkeld en doordrenkt met drank. Dit nu werd in brand gestoken en daarmee was het gips gebakken. Tijdens dat bakken sloeg de voodoo-man met een mes op het brandende doek en dronk hij een glaasje brandende drank. De vlammen sloegen om zijn mond hetgeen waarschijnlijk niet de bedoeling was, want we roken duidelijk zijn geschroeide snor.

Geen bloed
De talismannen waren nu klaar. Hij vertelde dat we deze altijd bij ons moesten dragen. Als je dan toch bij een ongeluk betrokken raakte moest je met de talisman zwaaien en zijn naam roepen. Lamba !. Je kreeg het ongeluk dan nog wel, maar er overkwam je verder niets. Om de talisman te testen hield hij er één bij zijn wang, riep Lamba en prikte dan een naald dwars door zijn wang. Het feit dat hij daarbij niet bloedde was het bewijs dat de talisman werkte. Maar hij wilde nog overtuigender zijn. Lamba stopte nu een scheermesje in zijn  mond, kauwde er op en spoelde het met drank weg. Weer geen bloed. We waren diep onder de indruk van deze leuke goocheltrucs.
Ondertussen hadden we onder elkaar al beraadslaagd wat we voor deze voorstelling over hadden. Vijfhonderd voor de drank en vijfhonderd voor de show leek ons goed betaald. Zeker gezien de arbeidslonen in het land. Een chauffeur bijvoorbeeld kost voor een hele dag 3000 cfa. (20 gulden) Al met al had de show toch bijna twee uur geduurd en wilden we langzamerhand wel betalen. Maar onze “vriend” beduidde ons met hem mee te gaan en zonder betalen gingen we dus weg. Dit bleek te zijn omdat de tovenaar geen geld mag aanraken. We moesten dus betalen aan de tweede man die met ons was meegegaan. Deze vertelde echter dat de voodoo-dokter 5000 cfa. per persoon gevraagd had, maar dat hij dat had weten terug te brengen tot 3500 cfa. Toen we dit hoorden vielen we haast achterover van verbazing. Zeventig piek betalen voor een paar leuke trucs en drie talismannen ?. We vertelden hem niet meer te willen betalen dan 1000 cfa. Onze “vriend” begon nu echt zorgelijk te kijken. Nu zouden hij en wij zeer grote problemen krijgen met die machtige medicijnman. We moesten dus naar hem terug.

Belgerinkel
Toen de voodoo-man ons aanbod hoorde draaide hij zich om en begon te zingen en daarbij wild met allerlei bellen te rinkelen en met een schaar in de lucht te knippen. Het was ons duidelijk dat hij het een en ander niet leuk vond. Maar hij kon bellen en knippen wat hij wilde, we betaalden toch niet meer dan we gezegd hadden. Uiteindelijk zijn we zonder te betalen weggelopen. Onze “vriend” de verkoper kwam hollend achter ons aan en reed mee terug naar de stad. Hij vond het zelf ook een vervelende situatie en verwachtte nu in problemen te komen. Daarom wilde hij zelf gaan betalen en daarbij de talismannen weer inleveren. Hier hadden we geen bezwaar tegen, te meer daar Eelco last van zijn buik had gekregen en de daarbij behorende aandrang stevig begon te voelen. Wat dat betrof hielpen de poeders en de talismannen dus geen zier. Omdat onze “vriend” onze “vriend” wilde blijven, wilde hij ons de volgende dag weer zien om te vertellen hoe het allemaal was afgelopen. We spraken af hem de volgende dag weer te treffen in zijn winkeltje en namen daarna een taxi naar onze camping. De taxi wenste ons echter niet tot aan de camping te brengen, zodat we het laatste stuk moesten lopen. Dat laatste stuk was in het aardedonker langs de kust. Daar waren we niet blij mee, want de stranden in Lome’ zijn ‘s-nachts zeer gevaarlijk.

Lichten uit
Er zat helaas niets anders op. Twee tegemoet komende meisjes waarschuwden ons dat in de bosjes op ons gewacht werd en adviseerden om voor dat kleine stukje toch echt een taxi te nemen. Gelukkig kwam er net een auto aan en vroegen of we mee mochten rijden. Dat was goed en dus stapten we achterin. De vriendelijke automobilist reed echter maar honderd meter en stopte toen. De autolichten gingen uit en we hoorden een man aankomen. De adem stokte in onze kelen, voodoo werkt dus echt !. Dit was dus een valstrik om ons te beroven. We maakten ons al klaar om uit de auto te springen en te rennen voor ons leven. Gelukkig, de naderende man bleek de man van de camping te zijn en de autolichten ging uit omdat de stationair draaiende motor de verlichting niet aan kon. Er was dus niets aan de hand, onze chauffeur maakte alleen even een praatje en bracht ons daarna veilig naar de camping.
De volgend dag was onze “vriend” nergens te vinden. Of voodoo werkt echt, of het ging hier om een mislukte toeristentruc. We zullen het op de rest van onze reis wel ervaren.

typhoon, 9 juni 1990, eigen tekst